Uit bundig
‘Met Pinksteren daalde de Heilige Geest neer, niet zachtjes, maar als een wilde storm. De apostelen hadden daarna het vermogen om in vele talen de boodschap van god door te geven. Terwijl ze dat doen hebben ze vlammetjes boven hun hoofd branden, van passie – en van verbinding met het hogere weten/zelf’.
Dit schreef Nanda Hunneman op fb, vandaag op de 2de Pinksterdag.
En ik voel ook die vlammetjes van passie, niet persé boven mijn hoofd, maar in mijn hele lijf. In de contacten die ik heb vandaag is dat ook aanwezig; we verstaan elkaar, er komt van alles tot stand, wat ik onderneem lukt en het geluksgevoel daarover stormt door mijn lijf. Zou dat nu die Heilige Geest zijn? Het voelt wel als een wilde storm; als een verbinding met dat wat zoveel groter is dan ikzelf. Én ik voel mijzelf daarin duidelijk aanwezig; niet groter of kleiner, maar precies zoals Ik Ben.
Het is niet totaal nieuw wat ik ervaar, maar de kracht ervan is dat wel; kleuriger ook, luidruchtiger én uitbundig. Vooral dat laatste, die uitbundigheid, is iets dat heel erg bij mij hoort. Zowel in goede als in slechte tijden. Maar tijdens mijn leven heb ik dat telkens weer geprobeerd aan banden te leggen. Ik ben dat deel van mijzelf gaan inslikken, want de boodschap van mijn omgeving was, dat ik ‘té intens’ was.
Het lastige is dat als iets echt bij je hoort, het zich niet laat inslikken of wegduwen. Dus het heeft me veel moeite en energie gekost om die levenskracht, die ik zo sterk voelde, een ‘gepaste’ vorm te laten krijgen. Lees: te bedwingen. Maar oefening baart kunst en het is me gelukt! Ten dele dan. Want de bijwerking was dat ik verstopt raakte; het was het wilde kleine kind in mij, vol enthousiasme, dat zich moest stilhouden; ik maakte haar monddood en ze leefde als een soort schaduw in de kelder van mijn wezen. Ongewenst en onzichtbaar. Grijs.
Met het ouder worden, werd ik wijzer en ging ik meer en meer snappen waarom ze er was, waar ze vandaag kwam en welk een onvervreemdbaar deel van mijn ziel ze vertegenwoordigde. Nu weet ik dat ze alleen maar onstuimiger en opstandiger werd door die uitsluiting, want haar uit-bundigheid paste niet in die kleine ruimte die ik haar toestond binnenin mij. We bleven lang moeite hebben met elkaar en het bleef moeilijk om samen te spelen. Er bleef afstand tussen die krachtige, authentieke energie en de delen in mij die wel meegroeiden.
Totdat ik haar liet zingen…. Uiteindelijk weet ik niet of ik haar ‘liet zingen’; ze greep gewoon de macht. Ze liet zich niet meer opsluiten in dat veel te kleine hok, toen ik besloot mijn hart te volgen en me inschreef voor de opleiding bij het ‘Centrum voor Stembevrijding’. Daar was de uitnodiging zo onomwonden, zo nadrukkelijk vanzelfsprekend, om alles van jezelf te laten zien en vooral te laten horen. Niets minder dan alles mocht er zijn. En daar was ze! Met al haar kracht en kleurrijkheid. Ongelofelijk.
De eerste keren dat ik haar door me heen liet klinken waren ronduit een openbaring. Kippenvel, tranen, diepe ontroering.In mijzelf en bij de anderen. De erkenning, het ontvangen worden in die beleving, het was heerlijk en waar!
Het voelde zo vrij, zo stralend, zo woedend ook, gretig, fel en vol schoonheid om voluit te zingen. Ik kon niet anders dan die energie omarmen. Helemaal, precies zoals ze was, ongepolijst, onaangepast. Een wonder voltrok zich: haar vrij-laten werd mijn vrijheid. Haar krachtige geluid stroomt door mij heen en maakt me heel.
En ja, we moeten nog aan elkaar wennen, maar we hebben elkaar voor altijd trouw beloofd.
Daarin voel ik het Licht van mijn Heilige Geest in mij neerdalen.
Amen.